3D-Kunstinstallatie Houtkampcollege
De KRACHT van identiteit & eigenheid 1 t/m 5

over Meg Mercx : recent project :

Het bestaat uit drie monumentale, textiele weefsels van portretten uit begin 1900. Onderwerp: mijn VOORmoeders. Bewegende ‘pixelportretten’ opgebouwd uit 2200 vierkantjes gekleurde stof (restpartijen en buitenbeentjes ) die gedeeltelijk los in een frame hangen. Ze wiegen, waaien, ritselen en ademen mee op het ritme van de wind. De VOORmoeders verschijnen en verdwijnen. De installatie vraagt aandacht voor een vergeten groep in onze vaderlandse geschiedenis: mijn voormoeders, jouw voormoeders, ONZE VOORMOEDERS. De vraag in deze installatie die centraal staat is: WIE ZIJN JOUW VOORMOEDERS?


De KRACHT van identiteit & eigenheid

Eerder plakten de Britse twintigers Louis en Emily van de Britse actiegroep JustStopOil zich vast aan een Van Gogh uit 1889. Ze vinden dat een groot deel van de wereld gebukt gaat onder droogte, overstromingen en mislukte oogsten, terwijl een ander deel van de wereld gewoon doordraait alsof er niets aan de hand is. “De politiek, de kunstwereld en de fossiele industrie kijkt de andere kant op”, verklaart psychologie-student Emily (24) op de website van de actiegroep. (bron: RTLNieuws

Ook wij plakken ons (figuurlijk) vast aan hedendaagse en klassieke kunst uit de geschiedenis. Net als bovenstaande studenten gebruiken we de kracht van bekende kunstwerken om aandacht te vragen voor een belangrijk onderwerp: Identiteit & Eigenheid. Zonder Identiteit & Eigenheid was bovenstaande bijzondere actie over een super urgent onderwerp niet ontstaan. Iedereen….ook jij en ik bestaat uit een eigen Identiteit & Eigenheid. Dit ontstaat niet zomaar. Het is een samenvoeging van persoonlijke, genetische, sociale, culturele en nationale identiteiten etc. Door onze genen lijken we op elkaar, we kijken af van elkaar, we leren van elkaar en we voegen iets toe aan elkaar. Zowel door het heden als door het verleden. Daar gaat de 3D-installatie Identiteit & Eigenheid
over die we vandaag gaan maken…

Links: de aula waar op de muur met de vlaggetjes een 3D-installatie komt, geschilderd door 250 leerlingen. Rechts de Rietveldstoel, ontwerp en uitvoer van Gerrit Rietveld 1917-1818.

Wat gaan we doen?

Samen met 250 leerlingen gaan we een 3D-installatie maken op de achterwand van de Aula. De kleuren die in de aula op de vloer gebruikt zijn, zijn waarschijnlijk gemaakt met een knipoog naar Gerrit Rietveld (Weet je wie dat is?), waar de school ook naar genoemd is.

De installatie is gebaseerd op de kleurtrap van Theo van Doesburg, Kleurkwadraat, 1926, 14×13,5 cm

De drie primaire kleuren rood, geel en blauw zijn typisch voor Gerrit Rietveld en de kunststroming De Stijl waar hij lid van was. Tussen deze drie basiskleuren is heel wat speelruimte denkbaar. Zie bovenstaande kleurkaart van Doesburg.

De installatie wordt ca. 8 m breed en 4,5 m hoog. 

De installatie is opgebouwd uit details van 10 zelfportretten van wereldberoemde Nederlandse kunstenaars. Waarom zelfportretten van kunstenaars? Omdat zij natuurlijk het grote voorbeeld zijn van Eigenheid & identiteit. Veel (game) designers, influencers, filmers, fotografen, modeontwerpers en kunstenaars van nu gebruiken deze kunstenaars als inspiratiebron (lekker afkijken) in hun werk.

De zelfportretten zijn van nu & toen: Marlene Dumas, Karel Appel, Piet Mondriaan, Charley Toorop, Vincent van Gogh, Jan Steen, Johannes Vermeer, Judith Leyster, Rembrandt van Rijn en Jeroen Bosch

De kleuren van de details van portretten zijn aangepast aan de kleuren van de Aula: rood, geel en blauw (Gerrit Rietveld). Deze werken worden door 250 leerlingen eigen gemaakt. Ze werken er met 10 groepen aan. Ze reproduceren een detail van het werk in kleur en lijn, en voegen er ‘eigenheid’/een eigen toets aan toe. Dit door de kwaststreken: stippeltjes- streepjes-vlakjes, de richting: horizontaal-diagonaal-verticaal en de opbouw van de kleuren. Techniek is acrylverf op paneel.

Het werk wordt ca. 8 m breed en 4,5 m hoog. De werken verlopen in een kleurtrap van geel via rood naar blauw (zie kleurkaart van Doesburg).

Op ieder werk komt een monumentale verhoogde uit het kunstwerk gezaagde vingerprint. Gebaseerd op het logo en de ideologie van jullie school.

 

 

 


1. Marlene Dumas (1953- )  

 

Tip 1: werk van licht naar donker. Waarom? Kleuren blijven helder&fris.

Tip 2: werk nat in nat. Waarom? Kleuren mengen dan met geleidelijke overgangen.

Tip 3: gebruik voor ieder kleur een andere kwast. Waarom? Kleuren blijven helder&fris

Tip 4: wissel de kleuren en kwasten met elkaar uit. Waarom? Voor de samenhang in het werk

Tip 5: schilder de zijkant van het werk mee. Waarom? Voor het extra 3D effect op de muur.

Links: Het kwaad is banaal (Evil is Banal) self-portrait 1984, Rechts de bewerkte versie Identiteit & Eigenheid

Marlene Dumas is geboren in 1953 in Kaapstad Zuid-Afrika. Toen ze een beurs kreeg om te studeren aan het Nederlandse kunstenaarsinstituut Ateliers ’63 verhuisde Dumas in 1976 naar Amsterdam, waar zij nog steeds woont en werkt. Foto’s staan centraal in haar werk. Ze maakt schilderijen die vaak collages zijn van afgeknipte foto’s, tekst en tekeningen. Haar werk is mystiek en expressief, vol van menselijke emotie en er zit veel symboliek in. Het thema tegenstelling, waar zij in haar leven in Zuid-Afrika met de apartheid veel mee te maken had (blanken tegenover zwarten, cultuurverschillen, confrontatie van de geslachten), staat vaak centraal in haar werk.

     

Links: detail uit Marlene Dumas, Black Drawings (1991-1992). Rechts: Black Drawings (1991-1992)

De levenslessen van Marlene Dumas: Niet alles wat ik maak is een meesterwerk: 

Les 1: Gesukkel helpt je verder

Les 2: Kritiek is belangrijk, en humor ook

Les 3: Niets is wat het lijkt

Les 4: Kunst maken is een worsteling, net als het leven

Les 5: Breng een ode aan de twijfel

Les 6: Diversiteit is het mooiste wat er is

 


2. Karel Appel (1921 – 2006)

Tip 1: werk van licht naar donker. Waarom? Kleuren blijven helder&fris.

Tip 2: werk nat in nat. Waarom? Kleuren mengen dan met geleidelijke overgangen.

Tip 3: gebruik voor ieder kleur een andere kwast. Waarom? Kleuren blijven helder&fris

Tip 4: wissel de kleuren en kwasten met elkaar uit. Waarom? Voor de samenhang in het werk

Tip 5: schilder de zijkant van het werk mee. Waarom? Voor het extra 3D effect op de muur.

Links: Karel Appel, Mijn moeder (1963) olieverf op doek. Rechts: de bewerkte versie voor Identiteit & Eigenheid.

Karel Appel is in 1921 in Amsterdam geboren. Zijn ouders hadden een kapperszaak. Appel had hier moeten gaan werken maar zag dit niet als zijn toekomst. Hij wilde gaan schilderen. Deze beroepskeuze konden zijn ouders niet waarderen en zetten hem op straat. Hij werd een baanbrekend kunstenaar binnen de expressionistische stijl. Hoewel zijn ouders graag zagen dat hij de kapperszaak zou overnemen, besloot Appel toch zijn passie te volgen en schilderkunst te studeren aan de Rijksakademie. Hoewel kunstkenners weinig in hem zagen in de periode na de Tweede Wereldoorlog, brak hij na 1957 toch echt door met zijn kunst. Ondanks dat zijn werk de abstractie benadert, omvatten zijn werken toch altijd herkenbare objecten zoals mensen en dieren.

Ik rotzooi maar een beetje an. Ik leg het er tegenwoordig flink dik op, ik smijt de verf er met kwasten en plamuurmessen en blote handen tegenaan, ik gooi d’r soms hele potten tegelijk op. Tegen het blad Vrij Nederland naar aanleiding van de film door Jan Vrijman.
Deze uitspraak gaf in het Bargoens aanleiding tot de creatie van het werkwoord “aanappelen”, met de betekenis “met onverschillige willekeur te werk gaan” of “maar wat doen”. Het woord raakte later waarschijnlijk in onbruik toen Appel algemeen als kunstenaar werd aanvaard.[2]

 

Links: Karel Appels Vragende kinderen, 1949, collectie Amsterdam Museum. Rechts: Vragende kinderen, Questioning Children, 1948, Centre Pompidou, Musée national d’art moderne / Centre de création industrielle

Zijn meest bekende schilderijen zijn de serie Vragende kinderen. Om aandacht te vragen voor de erbarmelijke situatie in Duitsland, maakt hij de bedelende kinderen in 1949 meerdere malen tot onderwerp van zijn kunst. Als kleurrijke, zwartomrande vormen vinden ze hun weg naar dit opvallende schilderij, dat bijzonder veel weg heeft van een expressieve kindertekening.

Je kunt zijn werken bewonderen in wereldsteden als New York, San Francisco, São Paulo en Amsterdam.


3. Piet Mondriaan (1872 – 1944) 

 

Tip 1: werk van licht naar donker. Waarom? Kleuren blijven helder&fris.

Tip 2: werk nat in nat. Waarom? Kleuren mengen dan met geleidelijke overgangen.

Tip 3: gebruik voor ieder kleur een andere kwast. Waarom? Kleuren blijven helder&fris

Tip 4: wissel de kleuren en kwasten met elkaar uit. Waarom? Voor de samenhang in het werk

Tip 5: schilder de zijkant van het werk mee. Waarom? Voor het extra 3D effect op de muur.

Links: Piet Mondriaan (1872-1944), Zelfportret, 1900, olieverf op doek, 50.4 x 39.7 cm. Rechts de bewerkte versie voor Eigenheid & Identiteit.

Hij begon met landschapsschilderijen maar Piet Mondriaan is wereldberoemd geworden als pionier van abstracte kunst en het kubisme. Hij werd geboren in Amersfoort, maar toen hij 20 was vertrok hij naar Amsterdam om zich daar verder te ontwikkelen. Altijd op zoek naar vernieuwing, vertrok Mondriaan in 1912 naar Parijs waar hij zich in het kubisme stortte. Hier veranderde hij ook zijn achternaam naar Mondrian en groeide hij verder. Hij is nog steeds een inspiratiebron voor vele architecten en ontwerpers van toegepaste kunst.

Hoewel zijn werken langzaamaan steeds abstracter werden, waren ze dat niet altijd. Hij begon met landschapsschilderijen, maar zijn bekendste kunstwerken zijn waarschijnlijk de composities met enkel zwarte lijnen en primaire kleuren.

Een van de bekendste kunstwerken van Piet Mondriaan is Victory Boogie Woogie (1942-44). Het is zijn laatste, onvoltooide werk. Het groeit uit tot een icoon van de moderne tijd, van de vrijheid van de abstracte kunst. Het schilderij vormt niet alleen het eindpunt in het oeuvre van een van de belangrijkste kunstenaars van de twintigste eeuw. Eind jaren negentig kocht de Nederlandse staat dit werk namelijk aan voor 80 miljoen gulden. Het is het onbetwiste hoogtepunt van de Mondriaan-collectie van het Kunstmuseum Den Haag.

Links President Obama bij het schilderij Victory Boogie Woogie, rechts Victory Boogie Woogie

Hij inspireerde de modewereld: in 1965 ontwierp Yves Saint Laurent de Mondrian collection. (foto links) Hij zei: ‘Mondriaan is puurheid, en je kan niet dieper gaan dan puurheid in de schilderkunst.’ Michael Barnaart van Bergen ontwerpt in 2011 jurken in de stijl van Mondriaan. (foto rechts)

   

Ook de muziekwereld LOVES Mondriaan bijvoorbeeld de Amerikaanse rockband The White Stripes met het album De Stijl. En Katy Perry verwijst naar Mondriaan in haar videoclip This Is How We Do.


4. Charley Toorop (1891-1955) 

 

Links: Zelfportret met Bontkraag, Charley Toorop, 1940. Rechts de bewerkte versie voor Identiteit & Eigenheid

Tip 1: werk van licht naar donker. Waarom? Kleuren blijven helder&fris.

Tip 2: werk nat in nat. Waarom? Kleuren mengen dan met geleidelijke overgangen.

Tip 3: gebruik voor ieder kleur een andere kwast. Waarom? Kleuren blijven helder&fris

Tip 4: wissel de kleuren en kwasten met elkaar uit. Waarom? Voor de samenhang in het werk

Tip 5: schilder de zijkant van het werk mee. Waarom? Voor het extra 3D effect op de muur.

Charley Toorop (1891-1955) was misschien wel de meest eigenzinnige vrouw van de twintigste eeuw. Charley had een uitzonderlijk muzikaal talent. Daarom zagen haar ouders voor haar een carrière als violiste voor zich. Een groot deel van haar jeugd bestond dan ook uit rondreizen en een strenge muzikale opleiding. Ondanks haar muzikale talent koos ze voor een carrière in de kunst, hoewel schilderen haar moeilijker afging dan muziek maken. Het was ook niet vanzelfsprekend dat je als vrouw kunstenaar werd. Ze moest knokken voor een plaats in een mannenwereld. Maar vooral wilde ze zich bewijzen tegenover haar vader, de beroemde kunstenaar Jan Toorop. Om dit te bereiken moest alles wijken. Het schilderen had altijd prioriteit. Haar kinderen werden dan ook grotendeels door kindermeisjes en familie opgevoed, waar ze vaak ook maandenlang verbleven.

Een geschilderd of geteekend portret moet meer lijken, dan een photo. Een photo geeft niet meer dan een moment, maar in een goed geschilderd portret herken je iemand in al z’n uitdrukkingen. Je moet er iedere dag weer iets anders in kunnen zien.[12]

Toorop zou in 1921 tijdens haar verblijf in Parijs de voor haar zo belangrijke Egyptische Fajoemportretten ontdekken in een museum, die haar sterk fascineerden vanwege de actieve wijze van kijken door de afgebeelde persoon. Dit thema zou later in veel van haar schilderijen terugkomen, maar de geportretteerde mensen in haar doeken kijken de toeschouwer echter onverbloemd en direct aan, meestal met wijd open ogen.

De selfies van Charles Toorop:  influencer avant la lettre

 

 


5. Vincent van Gogh (1853 – 1890)

   

Tip 1: werk van licht naar donker. Waarom? Kleuren blijven helder&fris.

Tip 2: werk nat in nat. Waarom? Kleuren mengen dan met geleidelijke overgangen.

Tip 3: gebruik voor ieder kleur een andere kwast. Waarom? Kleuren blijven helder&fris

Tip 4: wissel de kleuren en kwasten met elkaar uit. Waarom? Voor de samenhang in het werk

Tip 5: schilder de zijkant van het werk mee. Waarom? Voor het extra 3D effect op de muur.

Links: Zelfportret Vincent van Gogh 1886, Rechts: de bewerkte versie voor Identiteit & Eigenheid

Zelfportretten, zonnebloemen en sterrennachten… Dit zijn een paar bekende thema’s in het werk van Vincent van Gogh. Tijdens zijn leven werd zijn kunst niet begrepen. Weet je dat hij slechts één werk  heeft verkocht? Toch geloofde hij in zijn werk en bleef stug doorgaan. Hij leefde als een arme sloeber van dag tot dag. Gelukkig stopte zijn broer Theo hem regelmatig geld toe. Maar na zijn tragische dood werd zijn werk langzamerhand wereldwijd bekend. Hij is een van de belangrijkste schilders uit de kunstgeschiedenis. Ook had en heeft hij een enorme invloed op andere kunststromingen.

   

Links: Vincent van Gogh, Zonnebloemen in vaas, Arles, januari 1889. Rechts: Vincent van Gogh, Vier uitgebloeide zonnebloemen, 1887

De Zonnebloemen zijn een van de meest bekende schilderijen van Van Gogh. Hij maakte ze in Arles, in Zuid-Frankrijk, in 1888 en 1889. De zonnebloem was een originele keuze en is tot op de dag van vandaag onlosmakelijk verbonden met Van Gogh. De schilder wist zelf ook dat de bloem bij hem hoorde, zoals blijkt uit een brief aan Theo uit 1889: “Je weet dat Jeannin de pioen heeft, Quost de stokroos, maar ik, ik heb een beetje de zonnebloem”. Hij schilderde vijf grote doeken van zonnebloemen in een vaas. Dit deed hij met met drie tinten geel ‘en anders niets’. Dit was bedoeld als experiment. Hij versierde zijn kamer met deze schilderijen. Ook op de logeerkamer in zijn huis hing hij stillevens op met zonnebloemen. Vincent wilde graag gezien worden als schilder van zonnebloemen. Hij schilderde niet als zijn collega kunstenaars heel veel verschillende bloemen maar koos er een uit. De zonnebloem. Daar focuste hij zich totaal op. Hij schilderde ze in alle stadia. Net uitgekomen of totaal uitgebloeid. Voor Van Gogh hadden zijn schilderijen van zonnebloemen speciale betekenis. Ze drukten ‘dankbaarheid’ uit, schreef hij.

Veel kunstenaars, modeontwerpers, illustratoren en muzikanten lieten zich door Vincent van Gogh inspireren zoals Don Mclean:


Tegenwoordig kunnen we de werken van Van Gogh en een aantal van zijn tijdgenoten bewonderen in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Daarnaast bezit het Kröller-Müller museum in Otterlo de op een na grootste collectie van zijn werken.


© Dit project is ontstaan en ontworpen door de kunstenaars Meg Mercx en Rob Verwer in opdracht van Kunst in de Aula n.a.v. een opdracht geplaatst door het Houtkampcollege, Doetinchem

 

Scroll naar top